Rb. 's-Hertogenbosch 7 juni 2012, ECLI:NL:RBSHE:2012:BW8396

In het tussenvonnis is eiseres in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat een bepaald computerprogramma aan gedaagde was geleverd. Eiseres heeft stukken in het geding gebracht waaruit volgens haar blijkt dat gedaagde haar nieuwsbrief ontving, dat in die nieuwsbrief op 9 maart 2010 stond vermeld hoe het computerprogramma moet worden geïnstalleerd en dat de nieuwsbrief van 29 maart 2010 slechts bestemd was voor gebruikers van het computerprogramma en uitleg bevat over hoe het programma moet worden gebruikt. Nog daargelaten dat naar het oordeel van de kantonrechter uit de stukken niet zonder meer blijkt dat gedaagde de nieuwsbrieven die eiseres heeft overgelegd ook heeft ontvangen, levert het enkele versturen van die nieuwsbrieven geen leverin van het computerprogramma op. Ingevolge artikel 2 Auteurswet juncto artikel 3:96 BW dienen zaken als de onderhavige namelijk te worden geleverd door een daartoe bestemde akte. De enkele vermelding van de wijze waarop een computerprogramma kan worden geïnstalleerd in een nieuwsbrief kan niet worden gekwalificeerd als een leveringsakte. Vordering (tot betaling voor het computerprogramma) afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen