Rb. 's-Hertogenbosch 9 juni 2009, ECLI:NL:RBSHE:2009:BI7523
Beslissing wraking. De rechtbank stelt voorop dat, indien het openbaar ministerie een rechter - na het sluiten van het onderzoek ter terechtzitting en buiten medeweten van de verdediging om - benaderd met stukken of met informatie, die van belang zijn voor de te beantwoorden vragen in het kader van 348-350 Sv, de onpartijdigheid van die rechter in het geding zou kunnen komen. Daarvan is in het onderhavige geval echter geen sprake. De rechtbank is van oordeel dat geen rechtsregel zich ertegen verzet dat de rechters door de officier van justitie worden benaderd in het kader van een (reeds gedane) vordering gevangenneming. In deze zaak zou zich een nieuwe grond voor de gevangenneming, te weten vluchtgevaar, zich hebben voorgedaan. De rechters waren voornemens verzoeker hierover op 8 juni 2009 te horen, maar dat is door het wrakingsverzoek doorkruist. Volgens vaste jurisprudentie levert het enkele feit dat een rechter heeft beslist op een vordering betreffende de voorlopige hechtenis, zoals een bevel tot gevangenneming, geen schending op van het vereiste van de rechterlijke onpartijdigheid.
De uitspraak op rechtspraak.nl