Rb. 's-Hertogenbosch 5 november 2007, ECLI:NL:RBSHE:2007:BB7948
De aanvraag van de werknemer van eiseres betreffende een WIA-aanvraag op basis van een verkorte wachttijd is op goede gronden buiten behandeling gesteld omdat deze aanvraag niet is vergezeld van een verklaring van de bedrijfsarts waaruit de medische situatie, alsmede de vooruitzichten van de werknemer blijken. Uit de wel meegezonden verklaring van de bedrijfsarts blijkt de medische situatie en de vooruitzichten van de werknemer onvoldoende. Zo wordt niet aangegeven welke medische specialistische onderzoeken of behandelingen de werknemer heeft ondergaan en wat zijn vooruitzicht is. Evenmin wordt onderbouwd dat sprake is van volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid, waarbij op lange termijn een geringe kans op herstel bestaat. Zo is de rechtbank bijvoorbeeld niet duidelijk welke diagnose de behandelend specialist heeft gesteld, welke medische specialistische onderzoeken en behandelingen de werknemer heeft ondergaan en welke levensverwachting de werknemer heeft. Dat eiseres op de zitting alsnog medische informatie van de behandelend interniste-hematologe van de werknemer heeft overgelegd, maakt de beoordeling niet anders, aangezien het vijfde lid van artikel 66 WIA vereist dat de aanvraag voor een verkorte wachttijd vergezeld gaat van een medische verklaring. Nu verweerder gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om de aanvraag buiten behandeling te stellen door middel van een lex specialis, te weten artikel 66, vijfde lid, van de Wet WIA, is het door eiseres aangegeven artikel 4:5, vierde lid, van de Awb niet van toepassing.
De uitspraak op rechtspraak.nl