Rb. 's-Hertogenbosch 5 juni 2007, ECLI:NL:RBSHE:2007:BA7375
Verwijdering leerling van basisschool ex artikel 40, lid 1, WPO. Niet gebleken is dat aan de ondertekenaren van het besluit in primo c.q. besluit op bezwaar mandaat is verleend. Volgt vernietiging van besluit op bezwaar. Ten aanzien van het besluit ten gronde heeft verweerder in zijn besluitvorming onvoldoende inzicht gegeven in zijn redenen op grond waarvan hij er verder vanaf heeft gezien om nader te onderzoeken of plaatsing van verzoeker in een andere groep tot de mogelijkheden behoort. Indien verzoekers grensoverschrijdende gedrag op de Sinterklaasmiddag en de uitlatingen van zijn moeder voor verweerder kennelijk dermate zwaarwegend zijn geweest om tot het verwijderingsbesluit te komen, had het op de weg van verweerder had gelegen om zulks als een uitdrukkelijke motivering op te nemen. Door pas ter zitting een motivering te geven, is sprake van een gebrek in de besluitvorming. Dit weegt hier zwaar, nu verwijdering van een leerling een zodanig ingrijpend middel betreft dat hiertoe slechts in zeer uitzonderlijke gevallen dient te worden overgegaan. Besluit op bezwaar is niet alleen onbevoegdelijk genomen, maar tevens in strijd met het zorgvuldigheids-, en motiveringsbeginsel voorbereid en genomen.
De uitspraak op rechtspraak.nl