Rb. 's-Hertogenbosch 24 mei 2007, ECLI:NL:RBSHE:2007:BA5950

Interpretatie "onder zich hebben" in artikel 13, eerste lid, onder b, van de Flora- en faunawet. Verzoekster heeft een voor dassen en reeën niet-passeerbaar hek geplaatst langs de gehele omtrek van haar perceel. Hierdoor hebben deze dieren het perceel niet kunnen verlaten. Gelet op het feit dat dit perceel relatief klein is, te weten 24 ha (dit is het equivalent van een perceel van 400 bij 600 meter), heeft verzoekster met het plaatsen van het hek beschermde inheemse diersoorten onder zich gehad in de zin van artikel 13, eerste lid, onder b, van de Flora-en faunawet. Dit zou slechts anders zijn als het terrein van verzoekster vele malen groter was.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen