Rb. 's-Hertogenbosch 24 december 2003, ECLI:NL:RBSHE:2003:AO2616
Verweerder heeft op grond van artikel 9b, lid 1, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) een indicatie afgegeven, inhoudende dat verzoeker over de periode van 1 juli 2003 tot (en met) 3 juli 2004 (nog slechts) zou zijn aangewezen op 5,3 uur verpleging en 3 uur persoonlijke verzorging per week. Uit coulance-overwegingen heeft het desbetreffende zorgkantoor kennelijk bepaald dat het pgb nog tot 1 januari 2004 op de oude voet (dus ter hoogte van een vergoeding voor 15 uur ondersteunende begeleiding en 9,5 uur verpleging per week) aan verzoeker ter beschikking wordt gesteld.
De uitspraak op rechtspraak.nl