Rb. 's-Gravenhage 9 januari 2012, ECLI:NL:RBSGR:2012:BV1125
Vreemdelingenzaak. Het hoger beroep in de tweede asielprocedure van de vreemdelingen (verzoekers) is nog aanhangig bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling). De Minister voor Immigratie en Asiel (verweerder) wil verzoekers uitzetten op 12 januari 2012. Op 5 januari 2012 vragen verzoekers opnieuw asiel aan. De Minister voor Immigratie en Asiel (verweerder) beslist op 5 januari 2012 dat de uitzetting van verzoekers hangende deze asielaanvraag niet achterwege blijft (artikel 3.1 van het Vreemdelingenbesluit 2000). Verzoekers maken bezwaar tegen hun voorgenomen uitzetting en dienen verzoeken om voorlopige voorziening in. Verweerder wordt niet gevolgd in zijn standpunt dat niet de voorzieningenrechter, maar de voorzitter van de Afdeling bevoegd is om kennis te nemen van de verzoeken om voorlopige voorziening. Verzoekers vragen onder meer om schorsing van de beslissing van verweerder dat hun uitzetting hangende hun derde asielaanvraag niet achterwege blijft. Die beslissing houdt uitsluitend verband met de derde en niet met de tweede asielprocedure van verzoekers. Voorts hebben verzoekers een document ingebracht dat door de voorzitter van de Afdeling niet betrokken kan worden bij de beoordeling van een eventueel verzoek om voorlopige voorziening hangende het hoger beroep in de tweede asielprocedure. Verzoekers hebben vooralsnog niet aannemelijk gemaakt dat zij het document waarop zij hun derde asielaanvraag baseren niet eerder hadden kunnen inbrengen. Dit neemt niet weg dat niet op voorhand valt uit te sluiten dat dit document zoveel gewicht in de schaal legt dat verweerder niet langer kan vasthouden aan zijn standpunt dat verzoekers niet in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel. Gelet hierop en ter voorkoming van een onomkeerbare situatie schorst de voorzieningenrechter de beslissing van 5 januari 2012 tot de datum van bekendmaking van de beslissingen op de derde asielaanvragen van verzoekers en verbiedt de voorzieningenrechter de voorgenomen uitzetting op 12 januari 2012.
De uitspraak op rechtspraak.nl