Rb. 's-Gravenhage 23 november 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BU8439

Weigering dispensatie voor het restant van de militaire loopbaan. Eiser heeft na het primaire besluit de leeftijd van 50 jaar bereikt. Dit betekent dat hij reeds hierom niet valt onder de categorie militairen die, indien sprake zou zijn van geringe inzetbaarheidbeperkingen, dispensatie voor het restant van de militaire loopbaan zou kunnen krijgen. Eiser behoort derhalve tot de categorie overig militair personeel. Verweerder heeft zich op het standpunt mogen stellen dat bij eiser geen sprake is van geringe inzetbaarheidbeperkingen. Verweerder was derhalve niet gehouden om eiser (tijdelijke) dispensatie te verlenen. Niet gebleken is van uitzonderlijke omstandigheden op grond waarvan verweerder rechtens gehouden zou zijn om af te wijken van zijn beleid. Ontslag op grond van artikel 39, tweede lid, aanhef en onder f, van het AMAR. Prematuur bezwaar tegen KB ontvankelijk geacht. Eiser is dienstongeschikt en hij behoefde niet in aanmerking te worden gebracht voor (tijdelijke) dispensatie. Op grond hiervan is de Kroon bevoegd om eiser met toepassing van artikel 39, tweede lid, aanhef en onder f, van het AMAR (eervol) te ontslaan. Verweerder heeft afdoende inspanningen verricht om eiser te re-integreren. Aan de ontslagbeschermingstermijn van twee jaar is (ruimschoots) voldaan. Het beroep, voor zover dat ziet op het ontslag zelf, dient ongegrond te worden verklaard. Het bestreden besluit dient voor wat betreft de handhaving van de ingangsdatum van het ontslag te worden vernietigd. De rechtbank ziet aanleiding toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 8:72, vierde lid, van de Awb. Doende wat verweerder had moeten doen, verklaart de rechtbank eisers bezwaar op dit punt alsnog gegrond en bepaalt zij dat eiser recht heeft op salaris cum annexis over de periode van 1 juli 2010 tot 1 november 2010. Daarnaast bepaalt zij dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het bestreden besluit.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen