Rb. 's-Gravenhage 31 augustus 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BU3379

Erfrechtelijk geschil tussen tweede echtgenote erflater en zonen uit eerste huwelijk erflater. De rechtbank oordeelt dat de zonen de erfenis benificiair hebben aanvaard. Er is geen sprake van zuivere aanvaarding door feitelijk handelen van (één van) de zonen. Erflater heeft bij leven een woning aangekocht. De rechtbank oordeelt dat deze woning is gefinancierd met gelden waarop een uitsluitingsclausule rustte. Dat betekent dat de bepaling in de wijziging huwelijkse voorwaarden waarmee de erflater deze woning in een beperkte gemeenschap met de tweede echtgenote heeft willen brengen, een nietige bepaling is. De tweede echtgenote kan ten slotte geen beroep doen op de cautio socini.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen