Rb. 's-Gravenhage 31 oktober 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BU3336
De rechtbank concludeert dat voor de vraag of voldaan is aan het vereiste dat gedurende een periode van ten minste anderhalf jaar voorafgaand aan de beschikking, duurzaam sprake is van voldoende middelen van bestaan, het moment waarop de feitelijke verwerving van inkomsten uit arbeid als zelfstandige is aangevangen, uitgangspunt dient te zijn. De rechtbank verwijst daarbij naar de tekst van artikel 3.20, eerste lid, van het VV 2000 en naar de toelichting bij deze bepaling. Op grond van het vorenstaande kan het betoog van eisers, dat 16 oktober 2009 als startmoment voor de berekening van anderhalf jaar moet worden genomen omdat met de voorbereidende handelingen die hebben geleid tot de opening van het restaurant indirect sprake is van inkomsten, niet slagen. De rechtbank ziet in de tekst van en toelichting bij artikel 3.20, eerste lid, van het VV 2000 voorts geen aanknopingspunten voor het betoog dat vanaf 16 oktober 2009 bekeken moet worden of het inkomen in een periode van het daaropvolgende anderhalf jaar op jaarbasis gemiddeld voldoende is, ongeacht of in de periode voorafgaand aan de opening van het restaurant feitelijk sprake is geweest van inkomsten. Hiertoe overweegt de rechtbank dat blijkens voormelde toelichting middelen van bestaan uit arbeid als zelfstandige, vanwege de onzekerheid over de levensvatbaarheid van de onderneming en het ontbreken van voldoende inzicht in de inkomsten van de startende ondernemer, eerst dan aangemerkt worden als duurzaam, indien zij gedurende een aaneengesloten periode van anderhalf jaar beschikbaar zijn geweest. De rechtbank begrijpt hieruit dat gedurende een ononderbroken periode van anderhalf jaar daadwerkelijk inkomsten moeten zijn verworven teneinde de levensvatbaarheid van het zelfstandig bedrijf te kunnen beoordelen, zodat in het kader van het duurzaamheidvereiste geen ruimte bestaat om het inkomen als startende zelfstandige boekhoudkundig te middelen naar een periode waarin feitelijk nog geen sprake was van een inkomen uit het zelfstandig bedrijf.
De uitspraak op rechtspraak.nl