Rb. 's-Gravenhage 22 juni 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BR0790

Toegangsweigering, actuele bedreiging openbare orde. De rechtbank is van oordeel dat thans, anders dan in het besluit van 8 april 2010, wel sprake is van een deugdelijke motivering dat eisers persoonlijke gedrag een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de Nederlandse samenleving vormde, op grond waarvan verweerder hem de toegang mocht weigeren. Van belang daarbij is dat aan eiser de toegang is geweigerd op het moment en terzake van de (poging tot) invoer van een grote hoeveelheid harddrugs. De uitspraak van de Meervoudige strafkamer van rechtbank Haarlem van 1 juni 2010, waarbij eiser terzake daarvan tot 40 maanden gevangenisstraf is veroordeeld, is als zodanig niet redengevend voor de toegangsweigering. In dat vonnis kan wel, zoals verweerder ter zitting heeft benadrukt, een bevestiging worden gevonden van het persoonlijk gedrag dat eerder aan de toegangsweigering ten grondslag is gelegd. Verweerder heeft in het thans bestreden besluit verwezen naar de grote hoeveelheid harddrugs die eiser probeerde in te voeren en de daarmee gepaard gaande ernstige risico’s voor volksgezondheid en maatschappij en niet ten onrechte overwogen dat eiser voor die risico’s geen oog heeft gehad. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder voldoende gemotiveerd dat dit gedrag van eiser een voldoende ernstige bedreiging van een fundamenteel belang van de samenleving vormde en voorts dat sprake was van een werkelijke en actuele bedreiging, nu de (poging tot) die invoer vaststaat en zich, zoals hierboven overwogen op 6 februari 2010 heeft voorgedaan (vrijwel) gelijktijdig met de toegangsweigering.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen