Rb. 's-Gravenhage 31 mei 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ6681
Kort geding. De vorderingen strekken - kort samengevat - tot het beantwoorden van vragen als een bekwaam en redelijk handelend accountant en afgifte van de administratie. Het aanhangig maken van dit kort geding door eiseres berust op een bestuursbesluit dat is genomen in strijd met de statutaire bepalingen en de daarop gebaseerde aandeelhoudersovereenkomst (geen unanieme goedkeuring van aandeelhouders voor het aanspannen van dit kort geding). Niet-ontvankelijkheid wegens niet rechtsgeldige vertegenwoordiging? Artikel 2:240 BW. Een statutaire bepaling die de bevoegdheid van het bestuur om in rechte op te treden beperkt, heeft in beginsel slechts interne werking en doet aan de externe vertegenwoordigingsbevoegdheid niet af. Op die grond kan het beroep op niet-ontvankelijlk niet worden gebaseerd. Ook geen sprake van misbruik van bevoegdheid jegens gedaagde nu die statutaire bepaling zal zijn opgenomen ter bescherming van de belangen van de aandeelhouders of de daarmee verbonden belangen van de vennootschap zelf. Gelet op het voorgaande moet worden aangenomen dat eiseres in dit geding rechtsgeldig is verschenen. Het beroep op niet-ontvankelijkheid wordt aldus verworpen. De vorderingen van eiseres zijn afgewezen nu gelet op de gemotiveerde betwisting door gedaagde niet in kort geding is vast te stellen wie van partijen het gelijk aan haar zijde heeft. Dit zal in een eventuele bodemprocedure aan de orde moeten worden gesteld.
De uitspraak op rechtspraak.nl