Rb. 's-Gravenhage 13 april 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ1009

Vordering tot vergoeding van schade die eisers hebben geleden als gevolg van bombardementen met mosterdgas op steden in Iran en Irak in de jaren tachtig, uitgevoerd door het regime van Sadam Hussein. Iraaks recht is van toepassing op de vorderingen van de eisers uit Irak. Iraaks recht kent de mogelijkheid van verjaring van civiele vorderingen. Het Nederlandse recht biedt onvoldoende aanknopingspunten voor een terzijdestelling van Iraakse verjaringsregels in gevallen als deze. De rechtbank zal vragen stellen aan het Internationaal Juridisch Instituut (IJI) ten aanzien van de door haar te beantwoorden rechtsvragen naar Iraaks recht. Iraans recht is van toepassing op de vorderingen van de eisers uit Iran. De omstandigheid dat vorderingen naar Iraans recht niet kunnen verjaren, komt niet in strijd met het in de Nederlandse rechtsorde verankerde algemene beginsel van rechtszekerheid. Iraans verjaringsrecht is derhalve van toepassing. De rechtbank zal het IJI eveneens vragen stellen over enkele aspecten van het Iraanse recht.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen