Rb. 's-Gravenhage 9 november 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BO9094
Aanhouding en ivs zijn onrechtmatig geacht door RC. Belangenafweging, verdenking plegen misdrijf is blijven bestaan. De RC heeft de vordering tot inbewaringstelling afgewezen, omdat hij de aanhouding en inverzekeringstelling van eiser onrechtmatig heeft geacht. Het OM heeft tegen deze beschikking hoger beroep ingesteld. Verweerder heeft in het kader van de belangenafweging die hierop volgt verwezen naar de gronden die aan de maatregel ten grondslag zijn gelegd, waaronder de verdenking van het plegen van een misdrijf. Dat de RC de aanhouding en inverzekeringstelling onrechtmatig heeft geacht maakt niet automatisch dat ook de verdenking van het plegen van een misdrijf is komen te vervallen. De afwijzing van de vordering tot inbewaringstelling betekent dat eiser niet langer strafrechtelijk vastgehouden kon worden, maar dat betekent niet dat het OM hem niet meer als verdachte kon beschouwen. De gemachtigde van verweerder heeft ter zitting aangegeven dat het OM haar telefonisch heeft medegedeeld dat eiser nog als verdachte wordt beschouwd en dit kan ook worden opgemaakt uit de appelmemorie van het OM. Nu in ieder geval tot de uitzetting van eiser het hoger beroep tegen de afwijzing van de vordering inbewaringstelling nog liep, kon eiser in ieder geval tot die tijd als verdachte van het plegen van een misdrijf worden aangemerkt. De verdenking van het voorhanden hebben van een vuurwapen is naar het oordeel van de rechtbank dusdanig ernstig dat het opweegt tegen de ernst van het gebrek in het strafrechtelijk voortraject. Het enkele feit dat het OM geen bezwaar heeft tegen de uitzetting van eiser betekent niet dat het delict niet als voldoende ernstig kan worden beschouwd.
De uitspraak op rechtspraak.nl