Rb. 's-Gravenhage 7 december 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BO7898
Termijnoverschrijding bij verlengingsaanvraag, verweerder heeft in redelijkheid toepassing 4:84 Awb niet achterwege kunnen laten. Door een te late verlengingsaanvraag is na een rechtmatig verblijf van een Australische kennismigrant van 4,5 jaar een verblijfsgat ontstaan van 12 dagen. In de gegeven omstandigheden waarbij door de werkgever gebruik gemaakt moest worden van bemiddelingsbureau bij doen verlengingsaanvraag dat dusdanig in de problemen zat dat het kort daarna failliet is gegaan, eiser blijkens het dossier de vinger steeds aan de pols heeft gehouden bij het doen van de aanvraag, 27 eerdere aanvragen wel steeds tijdig zijn gedaan, kon verweerder in redelijkheid toepassing van artikel 4:84 Awb niet achterwege laten. De gevolgen voor eiser zijn verstrekkend, omdat hij de door hem verlangde hypotheek niet kan afsluiten en bij zijn werkzaamheden binnen de EU nu steeds aparte tewerkstellingsvergunningen moet afsluiten. Aan het doel van het beleid wordt geen afbreuk gedaan, nu eiser zijn verantwoordelijkheid serieus genomen heeft.
De uitspraak op rechtspraak.nl