Rb. 's-Gravenhage 12 mei 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BM5070
Schorsing voorlopige hechtenis onder de bijzondere voorwaarde van elektronisch toezicht. Eiser - die zich in voorlopige hechtenis bevindt - vordert een bevel aan de Staat (lees: officier van justitie) om een advies aan te vragen aan de reclassering met het oog op de schorsing van zijn voorlopige hechtenis onder elektronisch toezicht, nadat de officier van justitie zijn daartoe strekkende verzoek had afgewezen. De "Aanwijzing elektronisch toezicht" (Stcrt. 29-12-2005, nr, 253, pag. 12) legt (het initiatief tot) het instellen van een vordering tot schorsing van de voorlopige hechtenis onder elektronisch toezicht enkel en alleen bij de officier van justitie, die dienaangaande beleidsvrijheid heeft. Aan zo'n vordering moet voorafgaan een - door de officier van justitie aan te vragen - reclasseringsadvies. Een en ander brengt mee dat er geen met voldoende waarborgen omklede rechtgang bij de strafrachter openstaat voor eiser om het door hem beoogde doel te bereiken. De in artikel 310 Sr. gegeven bevoegdheid gaat hier niet op. Na marginale toetsing wordt geoordeeld dat de officier van justitie door het verzoek van eiser om een reclasseringasadvies af te wijzen niet heeft gehandeld in strijd met de Aanwijzing en dat e officier van justitie bij die afwijzing de belangenafweging heeft mogen maken zoals zij heeft gedaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl