Rb. 's-Gravenhage 24 februari 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BM1469
Bevoegdheidsincident in (hoofd)zaak van eiser 1 en Milieudefensie tegen Royal Dutch Shell Plc (RDS) en Shell Petroleum Development Company of Nigeria Ltd. (SPDC) over schade als gevolg van olielekkages nabij Ikot Ada Udo in Nigeria. In het incident vordert SPDC dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart om kennis te nemen van de vorderingen tegen SPDC. Zij voert hiertoe aan dat Artikel 7 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering onvoldoende basis biedt om internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter aan te nemen met betrekking tot de vorderingen tegen SPDC. Daarnaast maken eiseressen misbruik van procesrecht door bij de Nederlandse rechter vorderingen in te stellen tegen RDS op een evident ontoereikende grondslag met als uitsluitend doel rechtsmacht te creëren ten aanzien van SPDC, aldus SPDC. De rechtbank verwerpt het beroep op misbruik van procesrecht. De rechjtbank concludeert dat haar ten aanzien van SPDC op grond van artikel 7 Rv internationale bevoegdheid toekomt, zij het dat deze beslissing een voorlopig karakter draagt gelet op de door SPDC opgeworpen exceptie van litispendentie als bedoeld in artikel 12 Rv.
De uitspraak op rechtspraak.nl