Rb. 's-Gravenhage 18 januari 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BL4545

VPB 2003. Ondanks het feit dat op de dag van de verwerving van een belang in een dochtervennootschap een fiscale eenheid met de dochtervennootschap is aangegaan, is ingevolge art. 13, eerste lid, Wet VPB 1969 voor de aankoopkosten van dat belang de deelnemingsvrijstelling van toepassing. De fiscale eenheid werd eerst aangegaan nadat het belang in de dochtervennootschap was verworven zodat voorafgaand aan de vorming van de fiscale eenheid sprake was van een deelneming waar de aankoopkosten aan toegerekend dienen te worden. Beroep gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen