Rb. 's-Gravenhage 30 oktober 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BL2353

Vennootschapsbelasting, art. 10a, lid 2, onderdeel c, Wet VPB. Eiseres heeft een schuld aan een verbonden, op Aruba gevestigd, lichaam. Deze schuld hangt samen met het schuldig blijven van de koopsom voor het verwerven van in Nederland gelegen onroerende zaken en met de intragroep financiering van andere investeringen die eiseres heeft gedaan. Daarmee is naar het oordeel van de rechtbank sprake van een geldlening die verband houdt met een aanwending van vermogen door eiseres als bedoeld in art. 10a, lid 2, onderdeel c, van de Wet Vpb en is in beginsel sprake van de uitsluiting van renteaftrek op grond van die bepaling. Nu eiseres niet aannemelijk maakt dat aan de geldlening(en) zakelijke overwegingen ten grondslag liggen, is de door eiseres aan het verbonden lichaam betaalde rente niet aftrekbaar. De BRK en het EG-verdrag staan niet aan de aftrekbeperking in de weg. Beroepen ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen