Rb. 's-Gravenhage 22 december 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BK8609
Uitreiken voornemen De rechtbank stelt vast dat de wettelijke bepalingen, zoals neergelegd in artikel 39, eerste lid, Vw jo artikel 41, eerste lid, Vw verweerder de keuzevrijheid bieden om het voornemen om een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd in te trekken, mede te delen door middel van uitreiking of toezending. Verweerder heeft deze keuzevrijheid evenwel nader ingevuld in zijn beleid, zoals hierboven is weergegeven. Uit dit beleid volgt dat het voornemen wordt uitgereikt door de vreemdelingenpolitie en dat slechts indien dit niet mogelijk is, het voornemen wordt toegezonden. Nu tussen partijen niet in geschil is en de rechtbank ook niet is gebleken dat de vreemdelingenpolitie heeft geprobeerd het voornemen aan eiser uit te reiken, heeft verweerder niet conform zijn eigen beleid gehandeld, zoals dat hierboven is weergegeven. Gelet op het vertrekkende karakter van de intrekking van eisers verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd heeft verweerder daarmee niet met de vereiste zorgvuldigheid gehandeld. beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl