Rb. 's-Gravenhage 4 november 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5692

De zaak draait om het rapport dat is opgesteld door gedaagde 1- waarbij prof. dr. mr. Y. Buruma (hoogleraar Radboud Universiteit Nijmegen) hem als extern deskundige heeft bijgestaan - ter evaluatie van het optreden van politie en justitie in de Schiedamse parkmoord. In dat rapport komt ook aan de orde de rol van eiser bij de studioverhoren van het slachtoffer, waarover gedaagde 1 in het rapport heeft vermeld dat het onbegrijpelijk is dat eiser niet heeft ingegrepen in de onfatsoenlijke studioverhoren van slachtoffer. Bij de presentatie van het rapport heeft gedaagde 1 meegedeeld dat hij het niet ingrijpen door de deskundige (= eiser) verbijsterend vindt. De Minister van Justitie heeft destijds in de Tweede Kamer en vaste kamercommissie onder meer meegedeeld dat eiser alleen nog maar met grote terughoudendheid door justitie als deskundige wordt ingezet en dat wordt ontraden om van de diensten van eiser gebruik wordt gemaakt. In de onderhavige procedure vordert eiser schadevergoeding van de Staat en gedaagde 1 wegens (onder meer) onrechtmatig handelen omdat het rapport onjuiste, ondeskundige en diffamerende passages bevat en gedaagde 1, prof. mr. Y. Buruma en de Minister van Justitie zich diffamerend hebben uitgelaten in de media over zijn optreden in het onderzoek naar de Schiedamse parkmoord. Ten aanzien van zijn vordering jegens gedaagde 1 is eiser niet ontvankelijk verklaard. De vorderingen tegen de Staat zijn afgewezen. De rechtbank acht de passages in het rapport en de uitlatingen van gedaagde 1 daarover in de media niet onrechtmatig en de Staat op grond van artikel 71 Grondwet niet aansprakelijk voor de uitlatingen van de Minister van Justitie die in de Tweede Kamer of vaste kamercommissie zijn gedaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen