Rb. 's-Gravenhage 19 november 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BK3863
Verdachte heeft zich, kort gezegd, samen met zijn mededaders in de uitoefening van een beroep of bedrijf, op verschillende locaties in Nederland, schuldig gemaakt aan het telen, het bewerken, verkopen en vervoeren van hennep. Verdachte heeft door aldus te handelen illegale hennepteelt bevorderd en tevens een bijdrage geleverd aan het op de markt brengen van (grote) hoeveelheden softdrugs. Verdachte heeft door leiding te geven aan een organisatie die op grote schaal en op beroeps- of bedrijfsmatige wijze hennep heeft geteeld, bewerkt en verkocht, de wettelijke normen ter bescherming van de volksgezondheid ernstig geschonden.[..]De rechtbank houdt er bij het bepalen van de straf rekening mee dat de rol die verdachte als leider van de organisatie heeft vervuld zeer aanzienlijk is geweest. Hierop kan, mede gelet op het hierboven genoemde beroepsmatige karakter waarmee een en ander plaatsvond, qua strafmodaliteit niet anders dan met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf worden gereageerd.
De uitspraak op rechtspraak.nl