Rb. 's-Gravenhage 30 oktober 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BG4483
Buitenbehandelingstelling / onvolledige aanvraag / leges per kas of pin door derde / beleid Verweerder heeft de aanvraag buiten behandeling gesteld, omdat verzoeker een onvolledige aanvraag heeft ingediend. De voorzieningenrechter interpreteert het standpunt van verweerder dat verzoeker een (gevolmachtigde) derde had kunnen sturen om de leges per kas of pin te voldoen als een mededeling achteraf van het beleid terzake. Dit beleid is niet gepubliceerd in een regeling of in de Vreemdelingencirculaire 2000. Evenmin heeft verweerder verzoeker van het bestaan van dit beleid op de hoogte gebracht in de brief van 16 april 2008. Naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter lag het op de weg van verweerder om, alvorens de aanvraag buiten behandeling te stellen, verzoeker dan wel zijn gemachtigde, te informeren over het bestaan van de mogelijkheid om de leges per kas of pin te laten voldoen door een derde, zulks temeer nu in eerste instantie door verweerder werd tegengeworpen dat verzoeker de aanvraag niet in persoon had ingediend, welk standpunt verweerder hangende het bezwaar, naar aanleiding van de Afdelingsjurisprudentie waarin de Afdeling heeft geoordeeld dat niet als eis mag worden gesteld dat een aanvraag als de onderhavige in persoon moet worden ingediend, heeft gewijzigd. Uit het vorenstaande vloeit voort dat verweerder het besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid heeft voorbereid. Het bezwaar heeft daarom een redelijke kans van slagen. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding artikel 78 Vw toe te passen, omdat artikel 78 Vw, gelet op de tekst van dit artikel, niet op een buiten behandelingstelling ziet. Het verzoek wordt toegewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl