Rb. 's-Gravenhage 17 september 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BG2153
In de nabijheid van het bedrijf van eiseres stond op 6 februari 2007 op de [weg] te Z een auto met het kenteken geparkeerd. De auto behoorde tot de handelsvoorraad van eiseres. De auto was niet voorzien van handelaarskentekenplaten. Voor het hebben van voorwerpen op de grond, waar de auto geparkeerd stond, betaalde eiseres precariobelasting aan de gemeente Z. Eiseres bestrijdt de door verweerder opgelegde naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en de gelijktijdig bij beschikking opgelegde boete. Volgens de rechtbank is het naast elkaar heffen van precariobelasting en motorrijtuigenbelasting geen dubbele belastingheffing, nog daargelaten of, ware dit anders, verweerder om die reden van het heffen van motorrijtuigenbelasting zou moeten afzien. Verweerder heeft de naheffingsaanslag terecht opgelegd. Wat betreft de boete overweegt de rechtbank dat eiseres in gemoede ervan overtuigd was dat de betaling van precariobelasting meebracht dat zij geen motorrijtuigenbelasting verschuldigd was. Mede gelet op het complexe karakter van de materie en de onduidelijkheid van het begrip weg kan eiseres ter zake van niet-betalen van motorrijtuigenbelasting geen verwijt worden gemaakt. De boete dient daarom te vervallen.
De uitspraak op rechtspraak.nl