Rb. 's-Gravenhage 5 augustus 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9766

Inkomstenbelasting. Aan de belastingplichtige werd in het kader van arbeidsmobiliteit buitengewoon verlof, zonder behoud van bezoldiging, verleend. Gedurende de verlofperiode werd de opbouw van het ABP-pensioen voortgezet. De daarvoor verschuldigde premie werd op de belastingplichtige verhaald. De rechtbank oordeelt dat de belastingplichtige de op hem verhaalde premie niet in aftrek kan brengen, omdat die niet is ingehouden op het loon, niet valt onder de reikwijdte van de daartoe strekkende besluiten en ook niet is aan te merken als uitgaven voor inkomensvoorzieningen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel faalt ook.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen