Rb. 's-Gravenhage 29 juli 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9130

Startende ondernemer in de zin van artikel 3.20 VV Paragraaf B1/4.3.4 van de Vc 2000 kan niet zo worden uitgelegd dat als een startende ondernemer ook wordt aangemerkt degene die een door hemzelf gedreven onderneming inbrengt in een rechtspersoon waarin hijzelf (overwegende) zeggenschap heeft. Noch de tekst noch de strekking van dit beleidsonderdeel biedt enig aanknopingspunt voor de andersluidende door verweerder bepleite uitleg. Met name kan naar het oordeel van de rechtbank het ‘overnemen’ van een onderneming niet op één lijn worden gesteld met het voortzetten van een onderneming in een andere rechtsvorm. Het beleidsonderdeel beoogt klaarblijkelijk te bewerkstelligen dat, ingeval een persoon die zelf aanvankelijk geen onderneming dreef op enig moment een lopend bedrijf overneemt, pas nadat die persoon zelf gedurende anderhalf jaar inkomsten uit die onderneming heeft gegenereerd, die inkomsten ook voor de toekomst als voldoende gewaarborgd en dus als duurzaam worden aangemerkt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen