Rb. 's-Gravenhage 17 april 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BD2536
Omzetbelasting. Hoogte vergoeding. Vreemde valuta. Eiseres verkocht muziek-cd's tegen inlevering van enveloppen die door de klanten konden worden gevuld met bepaalde buitenlandse valuta die op de buitenzijde van de enveloppe stonden voorgedrukt. De klanten moesten deze valuta omrekenen naar de waarde in guldens of euro's en het totaalbedrag vervolgens verminderen met 20 procent voor handlingskosten. De rechtbank oordeelt dat de gevulde enveloppen niet werden verstrekt bij de levering van goederen, maar alleen functioneerden als betaalmiddel bij de verkoop en daarom niet kunnen worden aangemerkt als zegels of waardebonnen in de zin van de artikelen 20 en 21 van het Uitvoeringsbesluit. Omdat een envelop met een ingevulde buitenzijde en gevuld met buitenlandse valuta ook niet door eiseres werd uitgegeven en evenmin tegen betaling verkrijgbaar was, is deze ook niet aan te merken als een cadeaubon. Op grond van artikel 8, zesde lid, van de Wet OB bij de bepaling van de vergoeding voor verkochte cd's dus worden uitgegaan van de officiële wisselkoersen, oftewel van het uin een enveloppe aanwezige nominale bedrag, vóór aftrek van de handlingskosten.
De uitspraak op rechtspraak.nl