Rb. 's-Gravenhage 20 december 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9325

Militaire ambtenarenzaak. Geschil over ingangsdatum militair invaliditeitspensioen. Verweerder heeft zich in het bestreden besluit op het standpunt gesteld dat een pensioen waarvoor de aanvraag niet tijdig is ingekomen niet eerder ingaat dan een jaar vóór de dag van binnenkomst van het verzoek. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de omstandigheden van het geval, van het bestreden besluit niet gezegd kan worden dat verweerder hiertoe bij afweging van alle betrokken belangen in redelijkheid heeft kunnen komen. De rechtbank heeft hierbij van belang geacht dat inmiddels tussen partijen onomstotelijk vaststaat dat eiser volledig invalide is, uitsluitend als gevolg van het dienstongeval van 4 september 1991, dat verweerder direct na het ongeval op de hoogte is gesteld van het ongeval en de toedracht door de VN-commandant van eiser, dat ook indien op dat moment niet duidelijk was welke gevolgen de blootstelling aan Sarin voor eiser zou hebben, ook in 1991 wel algemeen, en dus ook bij verweerder, bekend was dat de blootstelling aan Sarin zeer schadelijke gevolgen kon hebben en dat verweerder geen maatregelen heeft genomen om eventueel later optredende gezondheidsschade als gevolg van het ongeval bij eiser vast te stellen en/of te behandelen. Beroep gegrond verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen