Rb. 's-Gravenhage 14 augustus 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BC3371

Amv / 3 EVRM / adequate opvang China Eiser is een vreemdeling met de Chinese nationaliteit. Verweerder heeft eiser terecht niet in aanmerking gebracht voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b dan wel c, Vw. Verweerder kan worden gevolgd in de stelling dat eiser geen daadwerkelijke concrete redenen aannemelijk heeft gemaakt, gelegen in zijn persoonlijke feiten en omstandigheden, die de conclusie rechtvaardigen dat eiser een reëel risico loopt in de zin van artikel 3 EVRM. Het standpunt van eiser dat hij als gevolg van zijn illegale uitreis uit China gerede kans loopt bij terugkeer naar China een jaar in de gevangenis te belanden is slechts gebaseerd op algemene informatie. De genoemde mogelijke gevolgen van eisers illegale uitreis vormen voorts geen behandeling in de zin van artikel 3 EVRM. In het feit dat eiser alom werd geminacht, uitgescholden en soms geslagen omdat hij geen ouders meer had, heeft verweerder geen aanleiding hoeven zien om eiser op grond van bijzondere individuele klemmende redenen van humanitaire aard een verblijfsvergunning te verlenen. Daarnaast heeft verweerder eiser terecht in aanmerking gebracht voor een verblijfsvergunning regulier op grond van het beleid voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen, met terugwerkende kracht tot 9 april 2001, het moment waarop uit het ambtsbericht van die datum bleek dat er voor amv’s adequate opvang aanwezig is in China. Hetgeen eiser heeft aangevoerd biedt onvoldoende grond om te oordelen dat verweerder had moeten twijfelen aan de juistheid of volledigheid van de in het ambtsbericht neergelegd informatie. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat in zijn individuele geval geen sprake is van adequate opvang. Eisers stelling dat de vergunning tenminste voor de duur van een jaar had moeten worden verleend, vindt geen steun in de regelgeving. De tekst van artikel 3.57 Vb duidt er juist op dat een verblijfsvergunning voor een periode korter dan een jaar kan worden verleend. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen