Rb. 's-Gravenhage 28 december 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BC2215
Vreemdelingenbewaring / asielaanvraag / dublinclaim / belangenafweging Eisers zijn via een transit in Griekenland per vliegtuig naar Nederland gekomen. Eenmaal hier hebben zij direct na binnenkomst asiel aangevraagd. Verweerder heeft eisers in bewaring gesteld; verweerder is voornemens een Dublinclaim bij Griekenland neer te leggen. Beleid: volgens verweerders beleid dient bewaring bij asielzoekers zo beperkt mogelijk te worden toegepast. Er dient een concrete belangenafweging te worden gemaakt met betrekking tot het toepassen van de maatregel in relatie tot de asielaanvraag. Volgens een apart beleidsonderdeel is bewaring bij Dublinclaimanten mogelijk. Er dient wel een belangenafweging te worden gemaakt. Bij overname- en terugnameverzoeken is de belangenafweging in beginsel gegeven, omdat in dat geval onttrekkingsgevaar wordt aangenomen. Oordeel rechtbank: 1. Volgens beide beleidsonderdelen moet een belangenafweging plaatsvinden alvorens de asielzoeker in bewaring wordt gesteld. Dat is de hoofdregel. Die belangenafweging zal dan ook ergens in het dossier, bijvoorbeeld in het bevel bewaring, dienen te worden neergelegd. Alleen wanneer er sprake is van een overnameverzoek of terugnameverzoek is de belangenafweging in beginsel gegeven en hoeft verweerder deze (in beginsel) niet meer expliciet in de gedingstukken te maken. De rechtbank stelt vast dat in de gedingstukken geen kenbare belangenafweging is te vinden. De vraag die voorligt is of met verweerder moet worden geoordeeld dat die kenbare belangenafweging ook niet vereist is, omdat die afweging gelet op de inmiddels in gang gezette Dublinprocedure reeds gegeven is. De rechtbank beantwoordt die vraag ontkennend. Er is namelijk op dit moment (nog) geen sprake van een daadwerkelijk overname- of terugnameverzoek, maar slechts van een toezending van de stukken aan bureau Dublin. Teruggevallen moet dus worden op de hoofdregel dat een kenbare belangenafweging in het dossier noodzakelijk is. Die ontbreekt, zoals gezegd, hetgeen een motiveringsgebrek oplevert. 2. Verweerder wordt evenmin gevolgd in de door hem ter zitting (subsidiair) gemaakte materiële belangenafweging. Onder de omstandigheden van het geval behoefde de keuze van verweerder om eisers in bewaring te stellen, gelet op het aan het beleid ten grondslag liggende uitgangspunt dat asielzoekers zo beperkt mogelijk in bewaring worden gesteld, nadere motivering, welke verweerder niet heeft gegeven.
De uitspraak op rechtspraak.nl