Rb. 's-Gravenhage 20 december 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BC1441

Mondelinge weigering terugkeervisum geen besluit / artikel 72, derde lid, van de Vw 2000 Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is de telefonische afwijzing van verweerder van 29 november 2007 geen besluit waartegen rechtsmiddelen aangewend kunnen worden. Daartoe wordt overwogen dat geen sprake is van een besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Awb, omdat geen sprake is van schriftelijkheid. Evenmin kan de afwijzing op grond van artikel 72, derde lid, van de Vw 2000 gelijk gesteld worden met een besluit, nu geen sprake is van een feitelijke handeling als in dat artikellid bedoeld. Blijkens de parlementaire geschiedenis (MvT, TK 1998 - 1999, 26 732, nr.3, blz. 107) valt daarbij onder meer te denken aan de situatie over de wijze waarop van de bevoegdheid tot uitzetting gebruik wordt gemaakt. Van een dergelijke situatie is in het onderhavige geval geen sprake. Uit de parlementaire geschiedenis valt voorts af te leiden dat de uitbreiding van het beschikkingsbegrip zoals voorzien in artikel 72, derde lid, van de Vw 2000 vooral is bedoeld voor die handelingen waartegen anders geen bestuursrechtelijke rechtsgang open staat, zodat de vreemdeling genoodzaakt zou zijn deze zaken bij de burgerlijke rechter voor te leggen. Deze situatie doet zich thans evenmin voor. Immers, ongeacht het feit dat verweerder aanvragen als de onderhavige mondeling pleegt af te doen, staat niets de vreemdeling eraan in de weg om een schriftelijke aanvraag in te dienen (hetgeen hij volgens artikel 4:1 van de Awb overigens zelfs verplicht is) en verweerder er zodoende toe te bewegen een besluit op deze aanvraag te nemen. Indien verweerder dan alsnog weigert een schriftelijke beslissing te nemen, is sprake van het niet tijdig beslissen als bedoeld in art 6:2 van de Awb waartegen bestuursrechtelijke rechtsmiddelen kunnen worden aangewend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen