Rb. 's-Gravenhage 6 november 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BB8229
Artikel 26, eerste lid, Vw 2000 / ingangsdatum / bewijslast De rechtbank stelt vast dat de ingangsdatum van de door eiser gevraagde vergunning door verweerder in eerste instantie afhankelijk is gesteld van informatie van een overheidsinstantie, te weten de gemeente Leek, en niet van informatie van eiser zelf. Verweerder heeft de bewijslast derhalve niet bij eiser gelegd. De rechtbank stelt voorts vast – en tussen partijen is ook niet in geschil – dat de door de gemeente Leek in eerste instantie verstrekte informatie onjuist was. Zou de gemeente Leek direct de juiste informatie hebben verschaft, dan zou dit hebben geleid tot een eerdere ingangsdatum van de gevraagde vergunning. Onder die omstandigheden dient het er naar het oordeel van de rechtbank voor te worden gehouden dat eiser reeds op het moment waarop hij de onderhavige aanvraag indiende, 26 mei 2005, heeft aangetoond dat hij aan alle voorwaarden voldeed in de zin van artikel 26, eerste lid, Vw 2000. Aan het voorgaande doet niet af dat verweerder – zoals namens hem ter zitting is gesteld – pleegt uit te gaan van de juistheid van uittreksels uit de GBA, aangezien door verweerder niet is weersproken dat het uittreksel van de gemeente Leek van 3 oktober 2005 onjuiste informatie bevat. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl