Rb. 's-Gravenhage 16 juli 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BA9669
Afwijzing verzoek tot bevelen van een voorlopig getuigenverhoor. Met het verzoek beoogt verzoekster, Chip(s)hol III B.V.,te onderzoeken in hoeverre de rechtbank Haarlem een norm heeft geschonden met de vervanging van de meervoudige civiele kamer die haar zaak tegen Luchthaven Schiphol N.V. tot begin van dit jaar heeft behandeld. Het verzoek is afgewezen omdat de gestelde feiten niet kunnen leiden tot toewijzing van enige vordering tegen de Staat. Voor zover wordt gesteld wordt dat er reden is om te twijfelen aan de onafhankelijkheid en/of de onpartijdigheid van de nieuwe samenstelling van de rechtbank, geeft de wet verzoekster de mogelijkheid tot het indienen van een verzoek tot wraking. Verzoekster heeft van die mogelijkheid gebruik gemaakt en het verzoek is door de wrakingskamer van de rechtbank afgewezen. Hiertegen staat geen rechtsmiddel open en de juistheid van deze beslissing kan niet langs de weg van een vordering uit onrechtmatige daad alsnog ter beroordeling worden voorgelegd. Voor zover wordt gesteld dat gevreesd moet worden dat de rechters die de zaak thans behandelen minder bekwaam en/of ingewerkt zouden zijn, heeft verzoekster de mogelijkheid van beroep in cassatie van de door hen nog te nemen beslissing. Ook hier heeft te gelden dat de juistheid van die beslissing niet langs de weg van een vordering uit onrechtmatige daad ter beroordeling kan worden voorgelegd. Uit artikel 17 van de Grondwet volgt verder niet het recht op behandeling van de zaak door één en dezelfde rechter.
De uitspraak op rechtspraak.nl