Rb. 's-Gravenhage 20 juni 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:BA8389

Aanvraag ter verstrekking van een verklaring van vakbekwaamheid als tandarts als bedoeld in artikel 41, eerste lid, onder b, van de Wet BIG (Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg) afgewezen. Eiseres heeft reeds eerder, in 1996, op basis van de toentertijd geldende wet en regelging een aanvraag ingdiend ter verkrijging van de bevoegdheid het beroep van tandarts te mogen uitoefenen. Deze aanvraag is in 1997 door verweerder afgewezen. De nieuwe aanvraag is afgewezen omdat eiseres naar het oordeel van verweerder geen nieuwe feiten of omstandigheden naar voren heeft gebracht die een heroverweging van de eerdere afwijzing zouden kunnen rechtvaardigen. In het bestreden besluit stelt verweerder zich op het standpunt dat met een dergelijke afwijzing op grond van artikel 4:6, eerste lid, van de Awb niet kan worden volstaan. Verweerder is overgegaan tot een inhoudelijk beoordeling. Daarom kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden teruggegrepen op het advies uit 1997 van de toenmailge CTB (Commissie buitenlandse tandartsen). Het wettelijk kader waarbinnen de beoordeling plaatsvindt is gewijzigd. Het advies van het CTB kan slechts worden gewaardeerd binnen het oude recht. Verweerder heeft niet aangegeven op welke andere wijze hij onderzoek heeft gedaan naar de vakbekwaamheid van eiseres, zoals bedoeld in de 'Circulaire verklaring vakbekwaamheid' van 16 januari 2003. Het bestreden besluit ontbeert derhalve een deugdelijke motvering.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen