Rb. 's-Gravenhage 8 november 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ1827

Openbare aanbesteding door de gemeente Den Haag van een opdracht tot levering van mangaanstraatbakstenen. In de aanbesteding zijn twee inschrijvers overgebleven, eiseres en de tussengekomen partij. Beide inschrijvers zijn ieder van mening dat de gemeente de opdracht niet aan de ander mag gunnen omdat de inschrijving van de ander ongeldig is. Volgens de voorzieningenrechter is de vraag aan de orde of de situatie zich voordoet dat geen van beide inschrijvingen voldoet aan de door de gemeente gestelde eisen. Dan zou het de gemeente niet vrijstaan om de opdracht te gunnen, omdat zij volstrekt willekeurig zou handelen als zij de ene gebrekkige inschrijving zou verkiezen boven de andere. Volstrekte willekeur is in strijd met het beginsel van gelijke behandeling van inschrijvers. De voorzieningenrechter concludeert dat geen van beide inschrijvingen voldoet aan de door de gemeente gestelde eisen. De voorzieningenrechter verbiedt de gemeente om verder uitvoering te geven aan de overeenkomsten die inmiddels in verband met de onderhavige opdracht (mogelijk) reeds zijn gesloten met de tussengekomen partij en gebiedt de gemeente de opdracht opnieuw aan te besteden.

De uitspraak op rechtspraak.nl