Rb. 's-Gravenhage 2 oktober 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9232

Eiser verblijft in de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught. In dit kort geding gaat het over de vraag of de aanwezigheid van een glazen scheidingswand bij de gesprekken tussen eiser en zijn raadsman rechtmatig is jegens eiser. De aanwezigheid van de scheidingswand is verplicht op grond van de huisregels van de EBI. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de toepassing van de huisregels van de EBI in algemene zin niet onrechtmatig jegens eiser. Voor zover eisers vordering gericht is tegen de weigering van de directeur van de EBI om in het specifieke geval van eiser af te wijken van de algemene regel betreffende het contact tussen een gedetineerde en zijn raadsman, is eiser niet-ontvankelijk in zijn vordering. De weg naar de burgerlijke rechter lag voor hem niet open, omdat er tegen deze weigering een andere rechtsgang openstond. Op grond van de Penitentiaire beginselenwet had hij de mogelijkheid om tegen de beslissing van de directeur beklag te doen bij de beklagcommissie van de EBI en eventueel beroep in te stellen bij de beroepscommissie uit de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen