Rb. 's-Gravenhage 9 juni 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:AY3553

Voortgezet verblijf / seksueel geweld / klemmende redenen / bewijseis. In geschil is of eiseres in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking voortgezet verblijf als bedoeld in artikel 3.52 Vb 2000. Eiseres stelt dat zij seksueel geweld binnen de familie heeft ondervonden. Verweerder heeft in redelijkheid kunnen oordelen dat eiseres op grond van het tot 17 oktober 2003 gevoerde beleid niet in aanmerking komt voor de verzochte verblijfsvergunning. Niet in geschil is dat eiseres in het licht van de toen geldende beleidsregels wel heeft aangetoond dat er sprake is van ondervonden (seksueel) geweld binnen de familie. Eiseres heeft echter niet aangetoond dat er daarnaast sprake is van één van de overige vier factoren van klemmende redenen van humanitaire aard. Niet in geschil is dat eiseres niet voldoet aan de bewijseis die verweerder heeft gesteld in het vanaf 17 oktober 2003 gevoerde beleid, B2/5.3.3 Vc 2000, nu zij geen verklaring van een vertrouwensarts heeft overgelegd. Verweerder heeft derhalve in redelijkheid kunnen oordelen dat eiseres ook op grond van dit beleid niet in aanmerking komt voor verlening van de door haar verzochte vergunning. De ter zitting in tweede termijn door eiseres aangevoerde stelling dat het door verweerder vanaf 17 oktober 2003 gevoerde beleid, WBV 2004/26, kennelijk onredelijk is, betrekt de rechtbank niet in de beoordeling. Dat eiseres wel andere bewijsmiddelen heeft dan de in het vanaf 17 oktober 2003 geldende beleid genoemde verklaring van een vertrouwensarts, leidt niet tot de conclusie dat verweerder zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat niet met gebruikmaking van de inherente afwijkingsbevoegdheid hoefde te worden afgeweken van dat beleid. Verweerder heeft bij het formuleren van het nieuwe beleid namelijk expliciet bepaald dat de aangescherpte bewijslast een voorwaarde is voor toepassing van de versoepelde toelatingsvoorwaarden en nadrukkelijk aangegeven welke de minimaal vereiste bewijsmiddelen zijn. Beroep ongegrond, afwijzing verzoek.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen