Rb. 's-Gravenhage 7 juni 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:AX7098

De rechtbank spreekt verdachte vrij van de onder 1, 2 en 3 telastgelegde feiten. Deze feiten hebben betrekking hebben op een aantal gedragingen die strafbaar zijn gesteld op grond van de Wet Oorlogsstrafrecht. De rechtbank acht bewezen dat verdachte tezamen en in vereniging met een ander of anderen wapens heeft geleverd aan Charles Taylor en/of diens strijdkrachten. De opgelegde straf, een gevangenisstraf van 8 jaren, is gegrond op: - de artikelen 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht; - de artikelen 1, aanhef en onder 2º (oud), 1, aanhef en onder 1º, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten; - de artikelen 2 (oud), 2, 3 (oud), 3 en 13 van de Sanctiewet 1977; - artikel 2 van de Sanctieregeling Liberia 2001; - artikel 2 van de Sanctieregeling Liberia 2002; - ML1 en ML2 van de bijlage van het In- en uitvoerbesluit strategische goederen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen