Rb. 's-Gravenhage 20 maart 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:AV5904

Artt. 23, 24 en 51 Sr ; 1, 2 en 6 Wed; 8 en 32 Arbo-wet 1998; 3.5d, 4.2, 4.4, 4.62b Arbo-besluit. Verdachte [BV] heeft toegestaan dat haar werknemers voor het verwijderen van een waslaag op de vloeren in het Catshuis thinner gebruikten en daarmee twee van haar werknemers en andere aanwezigen in het Catshuis in een levensgevaarlijke situatie gebracht. Dit heeft voor een van haar werknemers een fatale afloop gehad. De rechtbank verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het bij dagvaarding telastgelegde feit heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt: als werkgever handelingen verrichten of nalaten in strijd met het gestelde bij of krachtens de Arbeidsomstandighedenwet 1998, terwijl hij wist dat levensgevaar voor een of meer van zijn werknemers ontstaat of te verwachten is, begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen