Rb. 's-Gravenhage 21 december 2005, ECLI:NL:RBSGR:2005:AU8706
Colombia / geloofwaardigheid asielrelaas / motivering / zorgvuldigheid. Eiser heeft de Colombiaanse nationaliteit. Met toepassing van de maatstaf als neergelegd in C1/1.2, C1/3.2.2 en C1/3.3.4 Vc 2000, in samenhang bezien met de in het dossier voorhanden gegevens en bewijsstukken, heeft verweerder het asielrelaas van eiser gezien de daarvoor gegeven motivering in redelijkheid niet ongeloofwaardig kunnen vinden. Daartoe overweegt de rechtbank het volgende. Verweerder heeft bij zijn ongeloofwaardigheidsoordeel geen argumenten aangevoerd die zijn gebaseerd op en onderbouwd met gegevens die over het land van herkomst bekend zijn. Verweerder heeft zijn ongeloofwaardigheidsoordeel uitsluitend gemotiveerd met het argument dat eiser tegenstrijdige verklaringen zou hebben afgelegd en daarnaast dat verweerder verklaringen van eiser bevreemdend of volstrekt ongeloofwaardig acht. Verweerder heeft niet onderzocht of kan worden uitgegaan van de echtheid van de door eiser overgelegde, originele bewijsstukken en wat de overtuigende kracht van eisers verklaringen is in het licht van die bewijsstukken. Reeds daarom is het besluit onzorgvuldig en ten onrechte in AC genomen. Indien aan de documenten voorbij zou moeten worden gegaan, dan is de rechtbank ook van oordeel dat de door verweerder aangedragen argumenten zijn besluit en conclusie dat het relaas van eiser ongeloofwaardig is niet kunnen dragen. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl