Rb. 's-Gravenhage 24 oktober 2005, ECLI:NL:RBSGR:2005:AU6488

[...] In de Memorie van Antwoord met betrekking tot de wijziging van bovengenoemde bepaling van de Boswet (TK 1981 - 1982, 16 783, nr. 5, Stb. 706/1982) is het volgende opgenomen: "Bij nota van wijziging stellen wij voor dat provinciale staten en de gemeenteraad de bevoegdheid krijgen regelen te stellen ter bewaring van wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden bestaande uit knotpopulieren of knotwilgen. In tweeërlei opzicht wijkt dit voorstel af van het oorspronkelijk ontwerp. Enerzijds wordt de regelgevende bevoegdheid beperkt tot knotwilgen. Het voorstel heeft derhalve geen invloed op opgaande wilgen. Anderzijds is de bevoegdheid verruimd. Genoemde lagere overheden zullen ook regelen kunnen stellen ter bewaring van de uit knotpopulieren bestaande beplantingen. Op deze wijze wordt een instrument gegeven ter bewaring van uit landschappelijk oogpunt waardevol geachte knotpopulieren en knotwilgen, terwijl ten aanzien van de uit opgaande populieren en wilgen bestaande wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, evenals voorheen, geen regelen kunnen worden gesteld."

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen