Rb. 's-Gravenhage 24 februari 2005, ECLI:NL:RBSGR:2005:AS8289
[...] 2.7 Partijen verschillen voorts van mening over de duur van de noodzakelijke verzorging en daarmee over de duur van het aan [eiser] te verlenen verlof. [eiser] heeft bij de aanvraag van zijn verlof aangegeven dat zijn partner de eerste dagen 24 uur per dag zorg behoefde. Uit de wetsgeschiedenis van de WAZ (Kamerstukken II 2000-2001, 27207, nr. 5) volgt dat het vertrouwen tussen werkgever en werknemer een belangrijke rol speelt in de fase waarin werkgever en werknemer contact hebben over de opname van het zorgverlof. De kantonrechter leidt hieruit af dat de werkgever in beginsel dient uit te gaan van de juistheid van de door de werknemer verstrekte inlichtingen betreffende de aard en omvang van het noodzakelijke verlof. Het staat de werkgever echter vrij om de aanvraag van de werknemer achteraf ter toetsing voor te leggen aan de bedrijfsarts, die op zijn beurt aanvullende (medische) informatie van de werknemer kan verlangen en beoordelen. Nu Van Halm dit laatste heeft nagelaten, moet de kantonrechter bij gebreke van een voldoende onderbouwd verweer door Van Halm, uitgaan van de door [eiser] gestelde omvang van de noodzakelijke verzorging. Uit het vorenstaande volgt dat de vorderingen in 2.2 onder A en B toewijsbaar zijn. [...]
De uitspraak op rechtspraak.nl