Rb. 's-Gravenhage 28 juni 2004, ECLI:NL:RBSGR:2004:AU2504
[...] Eiser heeft ter zitting aangegeven dat hij verweerders conclusie kan weerleggen door in de door hem bestudeerde literatuur aan te wijzen welke passages hij bij door de hem gegeven antwoorden heeft gebruikt. Die passages komen volgens eiser sterk overeen met de uitwerkingen van de standaardantwoorden. De voorzieningenrechter constateert dat eiser deze stelling tot op heden op geen enkele wijze heeft onderbouwd, terwijl hij hiertoe reeds bij het opstellen van het rapport dan wel na kennisneming daarvan en voorts tot aan het bestreden besluit de gelegenheid heeft gehad. De voorzieningenrechter wijst er in dit verband nog op dat in de brief van 12 december 2003 van de afdelingsmanager Accounting & Finance van de Haagse Hogeschool aan de secretaris van verweerder is gesteld dat de examenvragen niet letterlijk in het studiemateriaal zijn terug te vinden. De gedingstukken en het verhandelde ter zitting bieden geen aanknopingspunten voor twijfel aan de juistheid van deze stelling. Gelet op het voorgaande en nu van strijd met enige regel van geschreven en ongeschreven recht niet is gebleken, komt de voorzieningenrechter tot de slotsom dat bovenbedoeld onderdeel van het beroep ongegrond dient te worden verklaard. [...]
De uitspraak op rechtspraak.nl