Rb. 's-Gravenhage 6 juli 2004, ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ1596
Sara Lee heeft Drie Mollen gedagvaard voor deze rechtbank in een bodemprocedure volgens het versneld regime in octrooizaken. Sara Lee vordert in die procedure, zowel ten gronde als bij wege van voorlopige voorziening, in conventie een inbreukverbod jegens Drie Mollen terzake van koffiepads die passen in het Senseo-apparaat. In reconventie vordert drie Mollen vernietiging van het Nederlands deel van het octrooi. Bij vonnis van 10 maart 2004 heeft de meervoudige kamer van deze rechtbank zowel in conventie als in reconventie het geding geschorst totdat in de bij het EOB aanhangige oppositieprocedure tussen Sara Lee en andere partijen (waaronder niet Drie Mollen) een eindoordeel is geveld over de vraag of het octrooi stand zal houden en zo ja, in welke vorm, danwel totdat deze oppositieprocedure zal zijn ingetrokken. Verder heeft de rechtbank de bij wege van provisionele voorziening ingestelde inbreukvordering van Sara Lee afgewezen. Sara Lee vordert thans in kort geding dat Drie Mollen zal worden verboden op enigerlei wijze betrokken te zijn bij indirecte inbreuk op het octrooi, in het bijzonder door haar te verbieden in het Senseo-apparaat passende koffiepads te leveren of aan te bieden. Sara Lee legt aan die vordering ten grondslag dat zich sedert het door de rechtbank wijzen van het vonnis van 10 maart 2004 nieuwe feiten hebben voorgedaan die, als zij de rechtbank toen bekend waren geweest, er toe zouden hebben gevoerd dat de rechtbank Drie Mollen in elk geval bij wege van provisionele voorziening had verboden indirecte inbreuk op het octrooi te maken. De voorzieningenrechter wijst de vordering af.
De uitspraak op rechtspraak.nl