Rb. 's-Gravenhage 12 september 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AO3613

Mvv / hardheidsclausule. De rechtbank oordeelt allereerst dat verweerder het bestreden besluit ten onrechte heeft gebaseerd op artikel 16a Vw en niet op artikel 16 Vw 2000. De rechtbank overweegt vervolgens dat verweerder ten onrechte heeft gesteld dat het beroep van eiseres op de hardheidsclausule niet kan slagen vanwege het algemene karakter daarvan. Deze overweging is niet in overeenstemming met de REK-uitspraak van 5 juni2001, nu deze uitspraak ervan uitgaat dat het beroep van eiseres wel kan leiden tot toepassing van de hardheidsclausule. Verweerder heeft ook in het thans bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd op welke wijze eiseres daadwerkelijk de beschikking kan krijgen over reisdocumenten waarmee zij naar Somalië kan terugkeren om vandaar naar een buurland te reizen dan wel om rechtstreeks naar een buurland van Somalië te gaan om aldaar een mvv-aanvraag in te dienen. De telefoonnotitie van het Ministerie van Buitenlandse Zaken is in de REK-uitspraak meegewogen. De informatie van het IOM is te algemeen om als genoegzame motivering te gelden. Mede gezien de termijn die met dit hernieuwde besluit tot tegenwerping van het mvv-vereiste en het beroep daartegen is gemoeid, ziet de rechtbank aanleiding te bepalen dat verweerder de aanvraag van eiseres niet opnieuw kan afwijzen wegens het niet beschikken over een mvv. Beroep gegrond, afwijzing verzoek.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen