Rb. 's-Gravenhage 30 oktober 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AN9456
Terugkeervisum / dringende reden. Het beleid in hoofdstuk A2/7.2.6 Vc 2000 dient een redelijk doel en is derhalve niet kennelijk onredelijk. In deze zaak moet beoordeeld worden of is voldaan aan het beleidscriterium dat sprake is van een dringende reden die geen uitstel van vertrek kan gedogen. Indien zoals in dit geval het visum is aangevraagd teneinde in Nederland terug te kunnen keren na een bezoek aan een ziek familielid in het land van herkomst, is volgens verweerder een levensbedreigende dan wel terminale/comateuze situatie vereist. De voorzieningenrechter is van oordeel dat die invulling van verweerder hetgeen kan worden begrepen onder vorenvermeld criterium te buiten gaat. De voorzieningenrechter schorst het besluit en treft de voorlopige voorziening inhoudende dat verweerder binnen drie weken na de datum van verzending van deze uitspraak op het bezwaarschrift van verzoekster beslist.
De uitspraak op rechtspraak.nl