Rb. 's-Gravenhage 1 september 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AI1665
(...) Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is niet gebleken dat de beslissing om niet tot aanwijzing als beschermd monument over te gaan niet met de nodige zorgvuldigheid tot stand is gekomen. Daarbij past wel de kanttekening dat in de beslissing aan het rapport van Freijzer geen aandacht is besteed. De voorzieningenrechter ziet daarin echter geen onherstelbaar gebrek. (...) (...) Nu, blijkens het vorenstaande, verwacht mag worden dat de weigering tot aanwijzing en daarmee ook de sloopvergunning stand zal houden, komt aan het belang van verzoekster doorslaggevend gewicht toe. Het verzoek om opheffing van de schorsende werking ten aanzien van de sloopvergunning ex artikel 11 van de Mw dient te worden toegewezen. (...)
De uitspraak op rechtspraak.nl