Rb. 's-Gravenhage 16 mei 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9121
Mvv / gezinshereniging. Eisers, met de Joegoslavische nationaliteit, beogen verblijf bij hun moeder (referente). Verweerder heeft de aanvraag om een mvv afgewezen omdat de feitelijke gezinsband tussen eisers en referente geacht moet worden te zijn verbroken. In TBV 2002/4 is bepaald dat wordt aangenomen dat de feitelijke gezinsband tussen ouder(s) en kind is verbroken, indien de scheiding tussen de ouder(s) en het kind vijf jaar of langer heeft geduurd. De rechtbank is van oordeel dat in casu de referteperiode meer dan vijf jaar heeft geduurd. Dat referente binnen die periode verschillende malen aantoonbaar heeft laten blijken dat zij eisers wilde laten overkomen doet hieraan niet af. Eisers vallen niet onder een van de twee in het TBV genoemde uitzonderingssituaties en komen niet in aanmerking voor verlening van een mvv in het kader van gezinshereniging. Niet in geschil is dat sprake is van gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM. De rechtbank is van oordeel dat de weigering om eiseres verblijf in Nederland toe te staan geen inmenging in het gezinsleven vormt. Of in casu sprake is van een positieve verplichting om eisers verblijf in Nederland toe te staan, is de rechtbank van oordeel dat de uitspraak van het EHRM in de zaak Sen gemaakte belangenafweging richtinggevend is. De keuze van referente om haar kinderen achter te laten kan niet worden opgevat als een besluit om nooit meer in gezinsverband te gaan leven. Dat blijkt ook uit de omstandigheid dat referente aantoonbaar heeft laten blijken dat zij eisers wilde laten overkomen. Referente heeft sinds haar vertrek geregeld contact gehad met eisers. Referente heeft inmiddels de Nederlandse nationaliteit gekregen en zij is gehuwd met een man die al meer dan dertig jaar in Nederland woont en eveneens de Nederlandse nationaliteit bezit. Referente en haar man hebben reeds gedurende acht jaar een bestaan in Nederland opgebouwd en beiden hebben hier een baan. Ze zijn bereid en in staat in de toekomst voor eisers te zorgen. Of toelating van eisers tot Nederland in die context de meest aangewezen weg is om het gezinsleven tussen eiseres en referente te effectueren, is een vraag die door verweerder niet is beantwoord tegen de achtergrond van de vraag of referente in redelijkheid voor de keuze kan worden geplaatst om afstand te doen van hetgeen zij in Nederland heeft opgebouwd of af te zien van het gezelschap van eisers. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl