Rb. 's-Gravenhage 20 december 2002, ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2798
Afghanistan / categoriaal beschermingsbeleid. De rechtbank oordeelt dat de feiten, vermeld in het ambtsbericht van 19 augustus 2002 inzake de situatie in Afghanistan, zijn aan te merken als feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 83 Vw 2000. Dat geldt ook voor het besluit tot wijziging van het beleid, voorzover gebaseerd op de gewijzigde feiten en omstandigheden. De besluiten van verweerder om ingaande 15 september 2002 het categoriaal beschermingsbeleid te beëindigen en het besluitmoratorium en het vertrekmoratorium niet te verlengen zijn derhalve aan te merken als nieuwe feiten en omstandigheden. De rechtbank oordeelt dat de goede procesorde zich verzet tegen beoordeling van het beroep met inachtneming van de nieuwe feiten en omstandigheden, wanneer er aanwijzingen zijn dat in de nieuwe situatie gronden zijn om een vergunning te verlenen op de a-, b- of c- grond van artikel 29 Vw 2000. De asielzoeker dient dan een nieuwe aanvraag in te dienen en de rechtbank zal het beroep ex tunc toetsen. In casu ziet de rechtbank noch ex tunc toetsend noch ex nunc toetsend redenen waarom eiser voor een vergunning op de a-, b-, of c-grond in aanmerking zou komen. Ten aanzien van het beëindigen van het categoriaal beschermingsbeleid komt de minister een ruime beoordelingsmarge toe. Gelet hierop en op het feit dat de beleidswijziging in de Tweede Kamer is besproken en goedgekeurd, op hetgeen verweerder heeft overwogen omtrent de mate waarin geweld in Afghanistan voorkomt en de geografische spreiding ervan, de activiteiten en standpunten van de UNHCR en het beleid van andere Europese landen, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden gesteld dat het beleid van verweerder dermate onredelijk is dat het beleid de rechterlijke toets niet kan doorstaan. Het beroep van eiser op toelating op grond van het categoriale beschermingsbeleid is ongegrond, ook nu gebleken is dat ten tijde van het bestreden besluit ten onrechte categoriale bescherming is onthouden, omdat na 9 november 2000 uitermate onzeker was of eiser in Pakistan zou worden toegelaten. Beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl