Rb. 's-Gravenhage 19 september 2002, ECLI:NL:RBSGR:2002:AE9585
Bewaring / EG-onderdaan. Vaststaat dat eiser ten tijde van de inbewaringstelling in het bezit was van een authentiek, op zijn naam gesteld, Spaans paspoort, zodat vast stond dat hij de Spaanse nationaliteit bezit. Eiser heeft blijkens het proces-verbaal van gehoor van 3 september 2002 verklaard sedert 5 juli 2002 in Nederland te verblijven en is gekomen om werk te zoeken. Niet gebleken is van omstandigheden dat het verblijf van eiser in Nederland een ander doel had dat niet als een verblijfsrecht op grond van het gemeenschapsrecht kan worden aangemerkt. De rechtbank stelt derhalve vast dat eiser aangemerkt dient te worden als gemeenschapsonderdaan. Hieraan doet de omstandigheid dat eiser zich niet heeft aangemeld bij de korpschef geen afbreuk omdat gemeenschapsonderdanen en onderdanen van een staat die partij is bij het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap of de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte op grond van artikel 8.8 Vb 2000 niet tot een dergelijke aanmelding verplicht zijn. De misdrijven, waarvoor eiser is aangehouden, zijn niet van dien aard dat van een actuele bedreiging voor de openbare orde of de nationale veiligheid kan worden gesproken. Beroep gegrond, toekenning schadevergoeding.
De uitspraak op rechtspraak.nl